Naar startpagina van Rustpunt


 


Terug naar vorige pagina

Nieuwsbrief oktober 2009

Durf ik in therapie? (Deel 1)

Beste lezer, lezeres,

Wanneer men grieperig is, stapt men vanzelfsprekend naar de dokter.  Als men met een psychisch probleem, met een emotionele klacht of met een verstoord gedrag zit, lijkt het voor de hand te liggen om naar een passende therapie uit te kijken.  Toch is voor velen die laatste stap om hulp te zoeken veel groter dan naar een huisarts gaan.  De redenen hiervoor zijn velerlei en een aantal ervan zijn zelfs logisch. Toch laten mensen zich vaak leiden door redenen die stoelen op bepaalde angsten, terwijl het juist die angsten zijn waarvan ze kunnen -en dienen- af te raken, om zich in het leven al een stuk beter te voelen.

In eerste instantie is er een algemene drempel om therapie te volgen:

  • Ik ben toch niet gek zeker !
    Je hoeft toch helemaal niet gek te zijn omdat je wat hulp van een therapeut inroept.  Heel veel mensen worden er misschien juist "gek" van omdat ze hun problemen niet opgelost krijgen.

  • Ik ben bang om dat al die oude stukken van vroeger weer helemaal naar boven komen en heb er helemaal geen zin in om daaraan te werken.
    Je komt niet op bezoek bij een psycholoog of psychiater die er enkele tientallen sessies over doet om dat verleden naar boven te helpen halen en dat dan puur inzichtelijk, mentaal te laten verwerken.  Daarmee is het trouwens vaak nog niet echt verwerkt.  De emotionele ladingen en onderbewuste verbanden worden hier juist wel weggewerkt en dat in slechts enkele sessies.

  • Zal ik er niets aan overhouden?
    Gelukkig wel.  Meestal hou je er een veel beter gevoel aan over.  Soms kan het wel eens dat je na een sessie nog een paar daagjes in de knoop ligt met bepaalde emoties, maar ook dat maakt deel uit van het verwerkingsproces.
    In zeldzame gevallen kan je er inderdaad een nieuwe klacht aan overhouden, maar dat betekent dat die eigenlijk niet naar boven kwam omdat de aanvankelijke klacht te overheersend was.  Eens er ruimte ontstaan is, kan die klacht zich wel openbaren en zodra dat dan gebeurd is -wat niet echt vaak voorkomt- wordt ook daaraan gewerkt.

  • Zijn die mensen wel te vertrouwen?
    Dat is uiteraard een delicate.  Natuurlijk zal iedereen zeggen dat hij of zij te goeder trouw werkt en zeer goed opgeleid is, maar ook dat zegt niets.  Uiteindelijk kan je best uitkijken naar een praktijk waarin men die dingen zegt die voor jou reëel en geloofwaardig aanvoelen.  Al te zweverig gezweem is nooit een echt goede indicator en de hemel op aarde vinden kan je natuurlijk enkel in mijn praktijk.  Sommigen plaatsen een hoop referentiemails op hun website, maar wie kan jou garanderen of die echt zijn en mogelijk zijn er nog meer mails van ontevreden klanten die toevallig niet gepubliceerd staan.  Er dient vooral een gefundeerde en duidelijke uitleg te zijn over wat men aan therapieën aanbiedt en hoe men die toepast.  Hoe meer informatie die geeft, des te beter kan je aanvoelen of die therapeut al dan niet iets voor jou kan betekenen.

In de volgende nieuwsbrief ga ik meer in detail op onderliggende angsten voor hypnotherapie en regressietherapie.

Veel licht en liefde,

Genis

Terug naar vorige pagina